
Spoorzone Delft
Planning Spoorzone
De uitvoering van het project Spoorzone neemt ruim tien jaar in beslag.
2008: bouw tunnel begint
2011/2012: treinen rijden ondergronds
2014: stadskantoor is gereed
2019: laatste nieuwbouw klaar
In publiek-private samenwerking realiseert de gemeente Delft samen met de markt een nieuw economisch centrum met kantoren en commerciële ruimten
rond het NS-station Delft-Zuid

Busquets heeft begin dit jaar opdracht gekregen van de gemeente om ideeën uit te werken voor het inpassen van een spoortunnel in de stad. Dit vooruitlopend op een definitief besluit van het Rijk over de aanleg van de tunnel.
De stedenbouwkundige is begonnen met het maken van een schetsplan voor het gebied. Dit plan heeft hij in het voorjaar gepresenteerd, aan het gemeentebestuur en aan andere belangstellenden. Duidelijk bleek dat de ideeën van Busquets kunnen rekenen op brede steun. Met de uitkomsten van de discussie heeft Busquets zijn visie nu afgerond.
Het masterplan gaat, evenals het schetsplan, uit van een ondergronds station. Reizigers kunnen in de toekomst via een uitgang bij de Binnen-watersloot snel de binnenstad bereiken. Overstappen op bus of tram kan aan de andere kant van het station, waar op de plaats van de Irenetunnel een busstation is ingericht. De Westvest en de Phoenixstraat veranderen in een boulevard, bovenop de spoortunnel en een ondergrondse parkeer-garage. In het midden van de Phoenixstraat komt in het plan van Busquets een waterpartij, die verwijst naar de stadsgracht die hier vroeger lag.
In het stationsgebied komt nieuwbouw, met onder meer kantoren en woningen. In het hart van het gebied komt een langgerekte openbare ruimte, met daaromheen bebouwing. De nieuwbouw sluit in schaal en hoogte aan bij de bestaande stad. Het oude stationsgebouw blijft staan en krijgt in het plan een nieuwe bestemming.
Het college van burgemeester en wethouders stelt voor om het masterplan van Busquets te gebruiken als leidraad voor de verdere uitwerking van de plannen voor de spoorzone. Voordat de gemeenteraad er een besluit over neemt, toetst het college het plan in de stad. Dit gebeurt in gesprekken met een aantal groeperingen. Daarnaast verschijnt in de Stadskrant van deze week een oproep aan andere belangstellenden om te reageren op het plan. Alle reacties worden verwerkt in een verslag, dat met het masterplan wordt voorgelegd aan de raadscommissie Duurzaamheid. De commissie bespreekt het plan tijdens de vergadering van 12 oktober.
Een beknopte toelichting
op het masterplan verschijnt deze week in de Stadskrant. Meer informatie is
binnenkort ook op internet te vinden, via www.delft.nl/stadhuis. De volledige
studie is op werkdagen beschikbaar bij het Informatiecentrum (Phoenixstraat
16) en de balie van de dienst Stadsontwikkeling (Barbarasteeg 2).
Groen licht voor spoortunnel
(kabinet besluit tot financiering van onderzoek)
De Minister van Verkeer en Waterstaat, Tineke Netelenbos, heeft onlangs groen licht gegeven voor het realiseren van de al lang besproken spoortunnel in Delft.
Het kabinet heeft
bij monde van minister Netelenbos gemeld in het Meerjarenplan Infrastructuur
en Transport (MIT) extra geld vrij te maken voor het realiseren van de spoortunnel.
Ze stelt een bedrag van ca. 360 miljoen gulden ter beschikking, een bedrag wat
vooral gebruikt zal worden voor het uitvoeren van onderzoek.
Het geld betekent dus niet dat de tunnel er echt snel komt. Volgens de minister,
die haar plannen op 25 februari op een PvdA bijeenkomst in Delftstede toelichtte,
duurt dit zelfs als alles meezit (inspraak-procedures en zo) zon 8 tot
10 jaar!
De minister prees BOS-V, de Bewoners Overleggroep Spoortrace Delft, en de Gemeente
Delft om hun vasthoudendheid. Het duurt echter nog wel even voor de eerste schop
in de grond gaat.
Met deze mededeling zet Netelenbos de toehoorders tijdens de bijeenkomst van
de PvdA met beide benen terug op de grond.
De tunnel kost meer dan een miljard. Dat geld hebben we nog niet. We moeten geld reserveren en zullen Delft ook vragen om ons daarmee te helpen. Verder gaat de planologische procedure nu van start, die waarschijnlijk 8 tot 10 jaar gaat duren. Zonder al te veel oponthoud door bezwaarschriften hopen we in 2008 aan de slag te gaan aldus de minister.
BOS-V organiseerde
op 7 april ook zelf een bijeenkomst over de tunnel.
Om te beginnen gaf voorzitter Henk Reiff een historisch overzicht van de strijd
om een tunnel. Hij richtte zich daarbij op het gebied van Haantje tot Irenetunnel,
dus niet op Delftzicht (maar dat komt nog wel). Jan Sterrenberg, oud-hoogleraar
bouwkunde aan de TUDelft gaf vervolgens een overzicht van de mogelijkheden die
het gebied volgens hem biedt voor verdere ontwikkeling. Als mogelijkheden noemde
hij parkeren, winkels, kantoren en allerlei andere (deels )ondergrondse functies.
Als er goed wordt nagedacht over de mogelijkheden hebben we straks
een prettige oude stad met minder verkeer, veel werkgelegenheid en goede recreatieve
mogelijkheden, zo filosofeerde hij.
De volgende spreker, dhr. De Groot van Rijkswaterstaat, vertelde alles over
technieken die mogelijk zullen worden toegepast. Wanneer een open methode wordt
gebruikt hebben we gedurende een aantal jaren (zeker 4!) een grote bouwput in
de stad, maar het is wel relatief eenvoudig en vooral goedkoop. Wanneer we de
overlast niet willen moet er geboord worden. Dat kan inmiddels technisch prima,
maar het is erg duur en moet ook erg diep. En dat betekent weer dat het station
diep komt te liggen, en er lange op en afritten gebouwd moeten worden
aan begin en eind van de tunnel. Waar dat precies is is ook nog niet bekend,
en we zullen dus af moeten wachten. Er komt een zogenaamde integrale afweging,
een keuze waarbij alle belangrijke factoren met elkaar afgewogen worden. BOS-V
gaat in ieder geval door, om de besluitvorming maar ook de uitvoering van de
bouw in de gaten te houden namens de bewoners. Binnenkort komt er een internet-site
met meer informatie. Tot die tijd kunt u terecht bij uw eigen Delftzicht-site!
Marco Hofman
11-10-1999 De spoortunnel; een mooi plan, maar wat betekent dit voor Delftzicht?
Onlangs zijn de plannen van de gemeente Delft met betrekking tot de spoortunnel gepubliceerd. De buurtvereniging heeft twee maal contact gehad met de gemeente, en heeft een schriftelijke reactie opgesteld. Deze opmerkingen over de brochure "Spoorzone Delft, een visie op stedelijke verbetering" van de gemeente Delft lees je hierna in enigszins aangepaste en ingekorte vorm.
Samenvatting
Samenvattend kan gezegd worden dat de wijk Delftzicht tijdens de bouwfase in
bescherming genomen moet worden tegen doorgaand verkeer en parkeerders en dat
vooraf de consequenties voor Delftzicht goed in beeld gebracht moeten worden.
De algemene indruk na lezing en bespreking van de brochure "Spoorzone Delft,
een visie op stedelijke verbetering" is positief. De ontwikkeling van de
spoorzone kan een belangrijke positieve impuls aan de stad geven.
Algemeen
De eerste indruk van de buurtvereniging na lezing en bespreking van de brochure
"Spoorzone Delft, een visie op stedelijke verbetering" is positief.
De ontwikkeling van de spoorzone kan een belangrijke impuls aan de stad geven.
Het plan biedt de mogelijkheid om de verschillende stadsdelen weer met elkaar
te verbinden. Positief is het historisch besef, zoals het herstellen van de
waterloop op de Phoenixstraat en het profiel van de Waterslootsepoort , terug
te brengen in het her te ontwikkelen gebied. Voorwaarde is wel een goede aansluiting
(architectonisch, ruimtelijk en functioneel) van het te herontwikkelen gebied
met de reeds bestaande stadsdelen. De vraag blijft wel of de barrière
werking van de Irenetunnel (Westlandseweg) in de nieuwe situatie wordt opgeheven.
Zo ver dit uit de brochure valt op te maken blijft er sprake van autoverkeer
(verbinding Oost-West) en dus van een barrière. Een belangrijke impuls
kan uitgaan van het aantrekken van hoogwaardige werkgelegenheid.
Toch heeft het
bestuur van de buurtvereniging Delftzicht de nodige zorg over de consequenties
die uitvoering van het plan voor het woongebied Delftzicht heeft. De zorg heeft
betrekking op de "druk" die op Delftzicht ontstaat zowel gedurende
de uitvoering van het project als na realisering van het project.
Onze zorgpunten in hoofdlijnen:
Verkeer en vervoer
- De Engelsestraat zal, voor zover op de overzichten zichtbaar is, min of meer
dezelfde ligging hebben als in de huidige situatie. Een zorg die dan ontstaat
is in hoeverre de Schieweg/Engelse straat een stroomfunctie krijgt. De capaciteit
van de Westlandseweg/Ireneboulevard/Asvest is belangrijk, evenals de wijze waarop
verkeer van en naar het transferium/station over deze route geleid wordt. Tijdens
de reconstructie van de Schieweg is duidelijk geworden dat de Engelsestraat
niet veel meer verkeer kan hebben dan in de huidige situatie en dus zeker niet
als de belangrijkste toegangsweg naar het station gezien mag worden.
- Een tweede, zeer belangrijke, zorg is de parkeerfunctie. Nu al heeft de wijk
een grote druk van parkeerders voor station en bedrijven te verduren. Met een
station nog dichterbij zal, ondanks de grote aantallen in het plan gereserveerde
parkeerplaatsen, een groot aantal mensen gratis in onze wijk willen parkeren.
- Een grote zorg is eveneens de periode gedurende de bouwfase. Gezien de bouwmethode
die in het plan voorzien is voor de spoortunnel (de 'open bak methode') zal
er tussen de 5 en 10 jaar gewerkt worden. Onze inschatting is dat in deze periode
de Schieweg/Engelsestraat als aanvoer-/afvoerroute gebruikt zal worden voor
in ieder geval het zuidelijk deel van het project. De druk van duizenden vrachtwagens
zand is enorm. Een optie is alle aan-/afvoer van materiaal door de tunnelsleuf
te laten verlopen en dus de Schieweg te gebruiken van Kruithuisweg tot ongeveer
de NKF, en niet de Engelsestraat. Voor de bereikbaarheid van de wijk zal het
nodig zijn de route langs de Kolk te gebruiken (indien de Engelsestraat bouwput
is). Om de druk op de wijk laag te houden mag geen doorgaand verkeer van station
naar Schieweg/Kruithuisweg plaatsvinden! Gedurende de uitvoering van het project
zal de bereikbaarheid van het huidige station slecht zijn, waardoor men zal
proberen in onze wijk te parkeren. Dit moet zeer sterk voorkomen worden.
- Een suggestie ter overdenking in dit verband is het volgende: het project
is o.i. zo groot dat het ruimte biedt voor innovatieve oplossingen op het gebied
van verkeer en vervoer. Stadsdistributie per buisleiding, misschien een snelle
aansluiting van het transferium op iets dergelijks langs de A13. Misschien iets
voor een prijsvraag of onderzoek?
Stedebouwkundige
opmerkingen
Als aandachtspunten m.b.t. de relatie herontwikkeling spoorzone en buurt Delftzicht
kan nog aangegeven worden:
- Op de kaart van de multifunctionele inrichting staat de functie van hotel
en conferentiecentrum aangegeven voor de bebouwing rond het gebied van de Hooikade.
Vraagpunt is wat de consequenties hiervoor zijn voor de huidige bebouwing en
de huidige gebruikers (Dienst Maatschappelijke zorg, RIAGG en GGD). Onze zorg
is wat de consequenties (verkeer, parkeren, evt. overlast) hiervan zijn voor
de buurt Delftzicht.
Tot slot nog een
aantal algemene opmerkingen over het plan:
Positief wordt de open benadering beoordeeld waarin getracht wordt om in een
open communicatie met de stad de plannen te bespreken. Het vergroot de mogelijkheden
tot verkrijging van een voldoende draagvlak voor de uitvoering van de plannen.
M. Hofman
R. de Vreede